11-12-2018

Innovatie in de branche en bij Westerveld

Zoals we al voorzagen in de vorige update, is het beeld hetzelfde gebleven: de schoonmaakbranche innoveert te weinig volgens de respondenten op deze enquête.

Dat betekent werk aan de winkel dus!

Gemiddeld krijgt de branche een 5,05 (uit 10) op de vraag hoe innovatief schoonmaakbedrijven zijn, en dat zou een 8 moeten zijn.
Met name op deze terreinen:
 
 
Innoveren doe je met ‘Duurzame inzetbaarheid mensen / oplossing vergrijzing’ aan kop, op de voet gevolgd door meer gewenste innovatie in ‘Middelen en materialen (microvezel / werkkarren e.d.)’, ‘Preventie van vervuiling (coatings e.d.)’ en meer aandacht voor ‘Milieu’-gerichte innovaties.
 
Minder dringend, of in ieder geval, half zo dringend, zijn verbeteringen in ‘Internet of Things / sensoring’, ‘Robotisering’ en ‘Ketensamenwerking’. 
 
Prettig om te weten op welke deelgebieden innoverend vermogen het meest welkom is. En goed om te weten dat er nog een wereld te winnen is op dit onderwerp.
 
Next up
 
De vervolgvraag behandelt in hoeverre dit onderwerp belangrijk gevonden wordt, afgezet tegen andere kwaliteiten. Op de vraag hoe zwaarwegend vindt u de volgende kwaliteiten in uw keuze voor een schoonmaakleverancier (1* = onbelangrijk, 5 * is cruciaal) zien we het volgende beeld:
 
 
Dat het technisch schoon moet zijn, staat voor iedereen buiten kijf. Niemand vindt het totaal onbelangrijk, of matig belangrijk, 15,8% vindt het met 3 sterren redelijk belangrijk, en de rest zit op zeer en cruciaal. Tot zover geen verrassingen. 
 
 
 
Belevingskwaliteit is zonder meer een uitschieter. Voor maar liefst 73,7% is het *cruciaal* dat die eindgebruikers hun omgeving als schoon ervaren. Niemand waardeert dit criterium met 1, 2 of 3 sterren. Van alle gevraagde onderwerpen is dit criterium het zwaarwegendst.
 
  
Duurzame bedrijfsvoering lijkt geen middenweg te kennen, maar het is duidelijk dat de balans doorslaat richting duurzaam. Helemaal prima.
  
 
Nu wordt het interessant, wat betreft innovatie. Je ziet een meer verdeeld veld dan bij de andere vragen. Met 26,3% stemmers die het een factor 3 laten wegen in de selectie van hun schoonmaakleverancier en 63,16% die het 4 sterren of meer geeft. 
 
Innovatie is daarmee een factor van belang voor facilitair managers. Zwaarwegender dan bijvoorbeeld:
   
 
Of je nu een groot bedrijf of een wat kleiner schoonmaakbedrijf bent, maakt voor 31,6% heel weinig (**) tot niets (*) uit. 
  
 
Het wel of niet in huis hebben van specialisaties is eveneens geen dealmaker voor de grootste groep.
  
 
En of je wel of niet aangesloten bent bij OSB en vergelijkbare organisaties is door de bank genomen ook een onderwerp waarmee je een kleinere doelgroep blij maakt dan wanneer je meer inzet op innovatie. 
  
 
Ook het voeren van een breed dienstpakket wordt al bijna net zo ‘gewoontjes’ op prijs gesteld, het is geen uitschieter.
 
  
Tot besluit. Waar je uiteindelijk op inzet, is uiteraard aan een ieder om voor zichzelf te bepalen, zolang je maar transparant bent. Het is in de enquête de grootste dealbreaker, na het niet op orde hebben van de belevingskwaliteit. 
 
Conclusie?
 
Innovatie is een onderwerp dat van belang is voor opdrachtgevers, en een onderwerp waar we nog veel laten liggen. 
 
Of dat nu komt doordat we er te weinig de aandacht op vestigen (zoals Michiel Zeij zich hier afvraagt), of door andere factoren, daar gaan we ons de komende tijd op bezinnen.
 
Tot die tijd hier een beknopt overzicht van de stand van zaken bij Westerveld met betrekking tot vier meest prangende onderwerpen.
 

Duurzame inzetbaarheid mensen / oplossing vergrijzing

 
Het is een onderwerp waar de hele branche mee worstelt. Schoonmaken is fysiek zwaar werk. Wie al een jaar of 30 werkt als schoonmaker kan zomaar last krijgen van fysieke ongemakken, terwijl hij of zij op dat moment misschien pas begin 50 is.
 
Op meerdere manieren zetten we ons dan ook voor deze doelgroep in. Te beginnen met goed werkgeverschap voor iedereen, het bieden van betekenisvol werk en een sterke nadruk op dat we er écht voor de schoonmakers zijn. 
 
Versterkt door, specifiek voor de collega’s op leeftijd ingerichte:
 
50+gesprekken, gevolgd door jaarlijkse ontwikkelgesprekken en de mogelijkheid andere opleidingen te volgen. De opleidingen, trainingen en cursussen voor de oudere medewerkers zijn op verzoek kort, concreet en praktisch (‘on the job’).
 
Ook kunnen we samen kijken naar werkzaamheden die bij andere opdrachtgevers te doen zijn. Denk aan cateringwerkzaamheden, logistieke werkzaamheden, licht technisch onderhoud, museumsuppoost enz. Of dat we opdrachtgevers voor schoonmaakwerk hebben op passender tijden en/of andere locaties.
 
We stimuleren verder het gebruik van slimme middelen en materialen, bieden coachingstrajecten, zetten jubilarissen in het zonnetje, informeren, zijn een luisterend oor, op meerdere manieren dragen we zo een steentje bij aan constructief omgaan met vergrijzing.
 
En we zijn vanzelfsprekend transparant over dit onderwerp
Het mag gezegd worden: dé oplossing hebben we nog niet. Maar we geven uiteraard niet op. Partijen die samen met ons willen optrekken in het doen van praktijkgericht onderzoek, zijn van harte welkom om contact op te nemen.
 

Middelen en materialen (microvezel / werkkarren e.d.)

 
Terwijl we denken dat we met Triple T-werkkarren, duurzame middelen en materialen van Alpheios en slimme apps al aardig op weg zijn, noemen velen microvezel nog steeds de laatste échte innovatie in de branche. 
 
Begrijpelijk: die stofzuigers zijn weliswaar stiller, maar in de kern niet wezenlijk veranderd. En die stofzuigrobots zijn nog net niet geschikt voor professionele toepassingen (maar hou onze LinkedIn-updates in de gaten, we hebben binnenkort leuk nieuws). 
 
Het is feitelijk zo dat van alle beroepen die genoemd worden als door technologie als A.I. / Machine Learning op termijn vervangbaar, van kassamedewerker tot koerier, de schoonmakers telkens genoemd worden als beroepsgroep die niet 123 weg te denken is. Omdat het bij uitstek mensenwerk betreft.
 
<- Wat onverlet laat dat er nog genoeg te ontwikkelen valt: van low tech buideltas tot gemotoriseerd exoskelet om draaggemak van middelen en materialen te vergroten, tot tal van toepassingen die met de grootschaligere productie van grafeen voorhanden komen.
 
Bottom line: we houden onze ogen open.
 

Preventie van vervuiling (coatings e.d.) en meer aandacht voor milieu-gerichte innovaties

 
De laatste twee van de topvier deelgebieden. In preventie van vervuiling hebben we meerdere ijzers in het vuur. 
 
Zo werken we samen met Returnity aan het circulair maken van grondstoffencycli, zetten we communicatietools in om gebouwgebruikers bewust te maken van hun preventieve rol, en nemen we deel aan initiatieven als BRSW-360.
 
In dat laatstgenoemde consortium transformeren we kantoren tot ware grondstoffendepots, met tal van ook voor andere deelgebieden wenselijke bij-effecten. Wat Otto Friebel van Returnity graag toelicht: 
 
“De kosten van producten, grondstoffen en afvalverwerking stijgen. Er is maar één manier om dit te tackelen: van ‘kopen, gebruiken en weggooien’ moeten we naar een circulaire keten. Onze ‘one-stop-shop’ ontzorgt opdrachtgevers volledig en maakt het mogelijk om de gehele keten duurzaam in te richten. “
 
“Door de andere wijze van inzameling, verwachten we bovendien dat de fysieke belasting van met name schoonmaakmedewerkers wordt verminderd, wat leidt tot een meer duurzame inzetbaarheid van deze medewerkers.”
 
Waarmee de cirkel bijna rond lijkt… maar we nog steeds pas in de kinderschoenen staan.
 
Goed om te weten: we zoeken nog deelnemende kantoren voor BRSW-360. Dus wie zich geroepen voelt, is van harte welkom om mee te innoveren. Laat in dat geval hier even een berichtje achter?
 
En, als al eerder gezegd, hou de onze posts op LinkedIn in de gaten – binnenkort hebben we een aardige update voor iedereen die net als wij wel houdt van een beetje vernieuwing.

 

Deel dit artikel: